EmmyLou Harris

EmmyLou HarrisMijn eerste concertervaring in 1977 was meteen raak: een nachtconcert van EmmyLou Harris in het RAI congrescentrum in Amsterdam. Met als afsluiting kroegbezoek: voordat we met de nachtbus naar ons logeeradres in Amstelveen gingen, belandden we in het laatste uur van één van de kroegen rond de RAI. Alwaar een dame, voor mij al op leeftijd en regelmatig voorzien van een glas wijn, herhaaldelijk de titelregel van Queen’s ‘I need somebody to love’  zong. Hopend op een mannelijke nachtescorte naar huis. Wat haar bij het sluiten van de bar ook lukte, overigens.

Eigenlijk was deze kroeg het perfecte decor voor het optreden van EmmyLou geweest. Rammelende glazen, aangeschoten gezelschapszoekers & een fijne band. (Check in dat kader het album Live …1973 van- en met Gram Parsons). Wat het concert in de RAI er niet minder op maakte. Harris had inmiddels drie albums uitgebracht: de country georiënteerde Pièces of the Sky (1974) en Elite Hotel (1975, mijn eerste EmmyLou), gevolgd door het country-rockalbum Luxury Liner. Op die laatste wordt ze begeleid door de legendarische Hot Band, met daarin o.a. Glenn D. Hardin en James Burton uit de Elvis Presley band, songschrijver/gitarist Rodney Crowell en  gitarist Albert Lee. En die band speelde dus die nacht, met een fijne mix van spelplezier, vakmanschap en die ondefinieerbare spanning van een band-on-stage in een flow van succes. En ik was voor altijd verbonden met EmmyLou.

Met de kennis van nu heeft ze in die tijd, medio jaren 70, al haar sound gedefinieerd, ergens tussen traditionele country -en country-rock in. Voortbouwend op- en gaandeweg een eigen invulling gevend aan de sound die door soulmate Gram Parsons ontwikkeld was, zowel binnen de Byrds en Flying Burrito Brothers als op zijn solowerk. EmmyLou Harris is op haar best in licht-melancholische songs en vermaard om haar tweede stem: ze kan als geen ander meezingen.

Met regelmaat brengt  ze nieuwe albums uit, recent ook weer met haar oude bandlid en songleverancier Rodney Crowell. 

Hearts on fire – Gram Parsons & EmmyLou Harris (Grievious Angel, 1973)
(Tom Guidera, Walter Egan)
“…my love for you is only misery…” ….en dat hoor je op dit bloedstollend, live ingezongen duet.

Boulder to Birmingham (Pieces of the sky, 1975)
(EmmyLou Harris, Bill Danoff)
Over rouw om de dood van Gram Parsons, “ ..something of a signature song..” volgens Wiki, waarmee niets te veel gezegd. 

Together Again (Elite Hotel, 1975)
(Buck Owens).
Eerste top 40 hit in Nederland.

Wheels (Elite Hotel, 1975)
(Chris Hillman, Gram Parsons)
Van de Flying Burrito Brothers’ klassieker the Gilded Palace of Sin. 

Tougher than the rest (Brand new dance, 1990)
(Bruce Springsteen)

Till I can gaan control again (Elite Hotel, 1975)
(Rodney Crowell).
Een all-time classic, in de 80-er jaren ook van een mooie uitvoering voorzien door de 4AD hypochonders van This Mortal Coil.

Oh Sister Bob Dylan & EmmyLou Harris (Desire, 1976)
(Bob Dylan).

After the goldrush– EmmyLou Harris, Dolly Parton & Linda Ronstadt (Trio II, 1999) (Neil Young).
Tussen kunst en kitsch, net aan de goede kant. Als je dit hoort weet je waarom Odysseus dacht aan afwijken van zijn koers. #Sirenen

Luxury Liner – (Luxury Liner, 1977) (Gram Parsons)
Cover van de eerste plaatwerk van Gram Parsons als lid van de International Submarine Band uit 1968. Credits in de Harris-versie voor gitarist Albert Lee.

Pancho & Lefty– Luxury Liner, 1977) (Townes van Zandt)

Goodbye – (Wrecking Ball, 1995)
(Steve Earle).
In ’95 kreeg haar carrière een creatieve en succesvolle impuls door de samenwerking met producer Daniel Lanois (U2, Peter Gabriel), die haar opnieuw op de kaart zette met een alternatieve, donkere sound.

Defying Gravity (Quarter Moon in a ten cent town, 1978).
(Jesse Winchester). Een sympathiek reflectief miniatuurtje, een live-opname uit Toppop (!).

Tulsa Queen – (Luxury Liner, 1977)
(EmmyLou Harris, Rodney Crowell).